Verslag BVV cad/sch Meisjes

BVV Meisjes 2018

5 mei : Beker van Vlaanderen cadetten/scholieren meisjes

Nagelbijten tot het einde ….

Met een allesbehalve ‘gerust gemoed’ trok het trainerstrio Paul/Jo/Peter naar het nochtans zonovergoten Lanaken,
aan de boorden van de Maas, waar de 12 sterkste teams uit Vlaanderen op de gekende ‘Limburgse hartelijkheid’ werden ontvangen. Het vooruitzicht dat de trofee waarschijnlijk alweer binnen de provinciegrens zou blijven (AVToekomst de voorbije 5 jaar telkens kampioen!) versterkte nog die spontane gastvrijheid.

‘Behoud in 1° VAL-afdeling’ was ons credo, en die boodschap werd er vooraf nog eens deftig ingepeperd bij onze jonge dames. Wat mij, als ‘halve buitenstaander’ met weliswaar nog steeds een groot ROBA-hart, opviel was, naast het globaal niveau van deze meeting (nog meisjes uit andere clubs met een schaarsprong bij het hoogspringen of dames die vanuit ‘stand’ de speer of discus proberen in beweging te brengen…) de vaststelling dat we als ROBA op de werpnummers hebben ingeboet ten opzichte van onze beginjaren. Niet dat we onze meisjes iets moeten verwijten, want de broodnodige punten die Enya De Troyer (discus  schol), Eva-lune Andries (speer schol), Fien Pues (kogel schol), Jitte De Troyer (discus cad) en Stien De Meyer (speer cad, en vooral knap op de kogel, goed voor 10p) ons toestopten bleken finaal van goudwaarde te zijn bij de eindafrekening. Neen, de trainerscommissie moet hier wakker over liggen, want er is duidelijk werk aan de winkel. Werpnummers wegen immers altijd aardig door in de totaalbalans.
Bij de ‘afstandnummers’ (voor zo ver we de 800m en 1500m daar kunnen onder catalogeren …) ontbrak het nog wat aan ervaring bij onze meisjes, doch zij maakten dat dubbel en dik goed met een ‘knokkersmentaliteit’ die echt aanstekelijk was. Noch Evy Jacobs (800m cad), noch Dina Calders (1500m cad) keken op een metertje meer of minder (er is nog ‘winst te halen’ door beter bochtenwerk …) maar ze sprokkelden wel respectievelijk 5 en 6 punten bij mekaar. Het meer ervaren en vooral stijlrijk lopende scholieren duo Jenna Van Win (800m, een uurtje nadat ze de 400m horden had gelopen (!), 8p) en Merel Geerts (1500m, met lastige laatste rechte lijn …maar mooi 8p) zorgden er mee voor dat we halverwege nog steeds op een redelijk veilige 8° plaats stonden. Van bij de start bleek dat zowat onze vaste positie te zijn, en daar kon zoals reeds gemeld het trainerstrio wel mee leven.

Voor de lage horden deden ze bij de kadetten beroep op Ine Hubrechts, die mogelijk iets te snel het eerste gedeelte afwerkte en daardoor op de laatste horden bijna in de problemen kwam (raakte de horden). Gelukkig bleef ze overeind, waardoor meteen onze eerste 3 punten op het bord stonden. Bij de scholieren werkte Jenna Van Wim de lage horden vlekkeloos af met een tijd van …72”33.

Ook op de spurt, met Charlotte Coene (100m kadetten) en Line Dockx (100m scholieren) en de hoge horden, zagen onze ROBA-supporters dat het goed zat. Die hordennummers waren immers toevertrouwd aan Jitte De Troyer (cad) en vooral scholiere Kato Gevaert, die met haar 10 punten voor de beste individuele Roba-score zorgde (15”43 !) , en perfect voldeed aan de verwachtingen van het aanwezige trainerskorps.

Paul liep ondertussen als een jong veulen rond de piste om aan iedere werp- en springstand de sfeer gaan te proeven, en vooral zijn persoonlijke puntenboekje netjes op te vullen met de verhoopte scores. Aan de hoogspringstand noteerde hij een mooie 5 voor scholiere Kato Gevaert en zelfs 8 punten voor de jongere clubgenote Alexine Donckier De Donceel, die trouwens ook het verspringen (6p) voor haar rekening nam. Aan diezelfde stand maakte ook de mooi lopende scholiere Annelies Geyskens haar opwachting, als een soort opwarmertje voor de fraaie 400m (8p) die ze een uurtje later liet optekenen. Maar echt ‘gerust’ was Paul niet, zelfs niet na de 400m van kadet Janne van Ouytsel, en het optreden van ons 200m duo Charlotte Coene (knappe 8p) en Luna Mennen. Zijn persoonlijk notaboekje gaf aan dat we nog steeds in de gevarenzone zaten. Het ambitieuze RC GENT leek al halverwege de competitie een vogel voor de kat, maar de 2° daler hing altijd maar een 10tal punten achter ons. Pas met 2 goede aflossingsbeurten zou de stress wegebben binnen het ROBA kamp, en gelukkig voor ons klaarde onze dames die klus. Mede profiterend van de nieuwe reglementering (iets minder spanning aan de aflossingszones …) loodsten ze niet alleen het stokje netjes tot de finishlijn, maar telkens gaven ze de directe concurrenten (DCLA en AVLO) het nakijken. Ons kadettenkwartet Charlotte Coene, Ine Hubrechts, Femke Haegemans en Stien De Meyer lieten een fraaie 53”29 optekenen, goed voor 7p, en bij de scholieren liet slotloopster Kato Gevaert, na voorbereidend werk van Enya De Troyer, Luna Mennen en Lina Dockx meteen alle twijfels van ons weglopen.

De verhoopte buit (= behoud in 1°) was binnen, en eerlijk is eerlijk … de opluchting was groot. Maar het doorstane spanningsniveau hield ons netjes met beiden voetjes op de grond, en daarenboven zaten onze vrienden van DCLA 20m verderop compleet in zak en as (11°) daar ze de degradatie niet hadden kunnen ontlopen. Ons ‘Vlaams Brabantse hart’ bloedde echt een beetje mee … Samen met RC Gent ruimen zij plaats voor ASVO en Lyra, die triomfeerden in
de 2° afdeling. We zullen ze over 12 maanden bekampen met dezelfde strijdersmentaliteit als die we hier in Lanaken uit de mouwen schudden.  Voor dit laatste, nogmaals een … welverdiende ‘PROFICIAT’ voor het voltallige meisjesteam!!!

rudy.